Geen enkele beroepsgroep hoort een monopolie te hebben op conflictoplossing. Conflicten maken onvermijdelijk deel uit van het samenleven, en om ze efficiënt en duurzaam op te lossen, is samenwerking tussen advocaten, erkende bemiddelaars, gerechtsdeurwaarders en andere professionals essentieel. Want hoe we omgaan met conflicten, bepaalt niet alleen de efficiëntie van onze rechtsbedeling, maar ook de kwaliteit van onze samenleving.
Een parlementaire bespreking over het wettelijk kader van de collaboratieve onderhandeling bracht de rol van de advocaat bij geschillenbeslechting opnieuw in het publieke debat. De voorzitter van de Orde van Vlaamse Balies stelde daarbij dat advocaten de uitverkoren beroepsgroep zijn om rechtzoekenden te ondersteunen, maar een bredere blik op conflicthantering toont dat dit slechts één perspectief is in een veel ruimer veld.
De onmisbare maar niet exclusieve rol van de advocaat
Niemand twijfelt eraan dat advocaten onmisbaar zijn bij gerechtelijke procedures. Hun pleitvaardigheden, juridische kennis en ervaring zijn essentieel voor het goed functioneren van onze rechtsstaat. Toch bestaan er nog tal van trajecten waarin andere vormen van conflictmanagement minstens even waardevol zijn. Denk dan bijvoorbeeld aan erkende bemiddeling, ombudsdiensten en onderhandelingen; deskundige professionals in deze beroepen zetten zich dagelijks in voor duurzame conflictoplossing.
Niet elk conflict wordt een geschil. Een conflict ontstaat wanneer partijen elkaars belangen of waarden als onverenigbaar ervaren. Pas wanneer dat meningsverschil tot een vordering leidt, krijgt het een juridische vorm. Zodra dat gebeurt, komt de advocaat vanzelf in beeld. Toch zou het verkeerd zijn te denken dat een gerechtelijke procedure altijd de beste of enige weg is. De kracht van ons rechtsbestel ligt net in de diversiteit aan oplossingen. Zo hebben erkende bemiddelaars, ombudsdiensten en andere professionals in minnelijke conflictoplossing elk hun eigen kracht en toepassingsgebied.
Een andere aanpak, hetzelfde doel: duurzame oplossingen
Conflicten kunnen via uiteenlopende wegen worden aangepakt. Sommige trajecten behouden de autonomie van de partijen, zoals onderhandelingen, bemiddeling, collaboratieve onderhandeling, ombudsdiensten en kamers voor minnelijke schikking. Enkel bij de collaboratieve onderhandeling en de kamers voor minnelijke schikking is de advocaat doorgaans rechtstreeks betrokken. Daarnaast bestaan de bovenpartijdige trajecten, zoals arbitrage, bindende derdenbeslissingen en gerechtelijke procedures, waarbij een derde beslist over het geschil. Ook daar spelen advocaten een belangrijke rol, maar zonder (een absolute) exclusiviteit.
Binnen sommige geledingen van de advocatuur ligt de focus sterk op collaboratieve onderhandelingen, terwijl erkende bemiddeling onderbelicht blijft. Zo wordt niet altijd gebruikgemaakt van de meest effectieve weg voor conflictoplossing. Hoewel collaboratieve onderhandeling in bepaalde situaties waardevol kan zijn, biedt ze geen oplossing wanneer partijen nood hebben aan neutrale begeleiding door een onafhankelijke derde. In die context is bemiddeling beter geplaatst: ze creëert ruimte voor dialoog, wederzijds begrip en evenwichtige afspraken.
De terughoudendheid van de beleidsmakers binnen de advocatuur is opmerkelijk en verbazingwekkend. Advocaten beschikken immers over de juiste kennis en vaardigheden om bemiddeling te omarmen; sommigen onder hen als erkend bemiddelaar en anderen als partijdige raadgever die cliënten tijdens bemiddeling begeleidt. In dat laatste geval vormt hun ervaring in collaboratief onderhandelen juist een bijkomende troef.
Een gedeelde verantwoordelijkheid
Dat er meer dan één weg bestaat naar een menselijke en rechtvaardige geschillenoplossing, werd treffend bevestigd tijdens het congres van de Federale Bemiddelingscommissie op 9 oktober 2025, waar het ADR-charter voor ondernemingen werd gelanceerd. Door dat charter te ondertekenen, tonen ondernemingen hun bereidheid om eerst minnelijke oplossingen te overwegen alvorens naar procedures te grijpen. Ze engageren zich om conflicten duurzaam en respectvol op te lossen, en worden zo deel van een groeiend netwerk van partners die kiezen voor samenwerking en dialoog. De minister van Justitie benadrukte terecht dat hun engagement andere organisaties kan aanzetten om de kracht van dialoog te omarmen.
Elke betrokkene in een conflict draagt een ethische verantwoordelijkheid om het traject te kiezen dat het best aansluit bij de noden van de betrokken partijen. Advocaten spelen daarin dus een sleutelrol. Het is hun wettelijke plicht (artikel 444 in het Gerechtelijk Wetboek) om cliënten te begeleiden naar de meest geschikte vorm van geschillenoplossing. Dat betekent dat zij open moeten staan tegenover samenwerking met andere professionals en bereid moeten zijn om nieuwe vormen van dienstverlening te omarmen.
Naar een inclusieve en toekomstgerichte advocatuur
Een rechtsstaat leeft bij het bestaan van verschillende meningen. De bereidheid om in openheid een standpunt te herzien, is een teken van intellectuele kracht. Door die roeping exclusief toe te kennen aan de advocatuur, leggen we onszelf onnodige beperkingen op. Advocaten die hun rol breder invullen – als begeleider, bemiddelaar en verbindende schakel – groeien uit tot veelzijdige, humane en excellente dienstverleners. Een open en inclusieve advocatuur ziet andere professionals niet als concurrenten, maar als partners in een gezamenlijk streven naar rechtvaardige en duurzame oplossingen.
Het rechtssysteem wint niet aan kracht door exclusiviteit, wél door samenwerking tussen alle professionals die recht en dialoog mogelijk maken.
