De Commissie voor de tuchtregeling en klachtenbehandeling (ook wel “Tuchtcommissie”) is een van de drie vaste commissies van de Federale Bemiddelingscommissie. Ze ziet toe op de deontologie van erkende bemiddelaars en behandelt klachten tegen bemiddelaars en tegen instellingen die opleidingen in bemiddeling verschaffen, en verstrekt advies bij prejudiciële vragen n.a.v. de betwisting van het honorarium van bemiddelaars.
Samenstelling van de Tuchtcommissie
De commissie voor de tuchtregeling en klachtenbehandeling is samengesteld uit vijf leden, een voorzitter of een ondervoorzitter en vier effectieve assessoren. Er worden tevens vier plaatsvervangende assessoren aangeduid. De ondervoorzitter vervangt de voorzitter bij afwezigheid of verhindering. Met uitzondering van de voorzitter of de ondervoorzitter, telt de commissie evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden. De assessoren worden benoemd voor drie jaar. Voor de samenstelling van de Federale Bemiddelingscommissie verwijzen we u door naar ons organigram.
Wat zijn de bevoegdheden?
De Tuchtcommissie is bevoegd om klachten te behandelen tegen erkende bemiddelaars. Op basis van artikel 1727/5 van het Gerechtelijk Wetboek kan zij sancties opleggen bij schendingen van de deontologische code. De commissie kan echter geen bemiddelingsakkoorden nietig verklaren of herstelmaatregelen opleggen die voortvloeien uit de nietigverklaring van een akkoord (zaak 2023/NL/004).
Mogelijke sancties bij inbreuken:
- Berisping of waarschuwing
- Tijdelijke schorsing van de erkenning als bemiddelaar
- Definitieve schrapping van de lijst van erkende bemiddelaars
Ontdek onze andere commissies
Binnen de Federale Bemiddelingscommissie werken verschillende commissies samen om bemiddeling in België te versterken. Leer meer over hun werking: